"Thema Bijbelstudie voor deze week"
13 – 19 mei 2012
Gezamenlijk evangeliseren
en getuigen
LEZEN:
Prediker 4:9-12, Psalm 37,
Filippenzen 1:5-18, Efeziërs
4:15-16, Kolossenzen 1:28-29.
KERNTEKST:
‘Geef wat je in aanwezigheid
van velen van mij hebt
gehoord, door aan
betrouwbare mensen die
geschikt zijn om anderen te
onderwijzen
(2 Timoteüs 2:2).
Zoals we al hebben gezien is het belangrijk dat alle gelovigen inzien welke mogelijkheden
zij van God hebben gekregen. De Schrift geeft veel voorbeelden
waarin gelovigen hun gaven hebben gebruikt in samenwerking met de aangestelde
leiders in evangelieverkondiging.
In Handelingen 13:13 heeft Lucas het over ‘Paulus en zijn reisgenoten’; dit
suggereert dat hij de erkende leider was van een groep zendingswerkers
waartoe ook Barnabas behoorde (vers 1). Door wat Lucas vertelt, wordt duidelijk
dat Paulus en Barnabas samenwerkten (Handelingen 13:50, 14:1).
Soms is het moeilijk voor iemand om betrokken te zijn bij het evangelisatiewerk
van de plaatselijke gemeente omdat leiders niet voortdurend op zoek zijn naar
begaafde mensen die zij kunnen inzetten in dit werk.
Vorige week hebben we gekeken naar de bijdrage die ieder gemeentelid kan
leveren in het evangelisatiewerk van de kerk. Deze week zullen we kijken naar een
aantal aspecten van de gezamenlijke plannen van de gemeente en hoe personen
daarbij betrokken kunnen worden.
De verbreiding van
de waarheid van
God is niet alleen
voorbehouden aan
predikanten. De
waarheid moet
verspreid worden
door allen die zeggen
volgelingen van
Christus te